“Werken op het rijstveld is meer bevrijdend dan een religieuze ceremonie”

jacksoncam-wat-pho-bangkok

Zonsopgang boven Wat Pho, Bangkok. Bron: Jacksoncam, Flickr,

Net als andere Aziatische landen heeft ook Thailand zijn ‘oosterse wijzen’. Een portret van de Thaise denker Buddhadasa Bhikkhu (1906-1993). Zijn gedachten gaven de geboorte van de Thaise democratie vleugels en bevrijdden het Thaise boeddhisme van corruptie en rituele ballast. “Nirwana kun je in dit leven al bereiken en daar hoef je niet eens voor naar een tempel te gaan.”(Wegens ruimtegebrek geschrapt uit het Thailandverhaal van mijn binnenkort te verschijnen bundel reisverhalen)

In 1906 kwam hij ter wereld in het zuid-Thaise stadje Phumriang, hij heette toen nog Nguam Panid. Nguam voelde zich al vroeg aangetrokken tot een geestelijk leven en op zijn twintigste trok hij daarom als bhikkhu (monnik) naar de hoofdstad om daar een volleerd monnik te worden. Maar tot zijn teleurstelling trof hij in Bangkok alleen maar overvolle en vervuilde tempels. Nog erger dan het gebrek aan ruimte en hygiëne vond hij de corruptie. De monniken die hij ontmoette waren vooral bezig met zo snel mogelijk rijk en belangrijk te worden om voor zichzelf een gemakkelijk leven mogelijk te maken. Intellectuele activiteit werd verwaarloosd, laat staan nadenken over de grondslagen. Uiterlijke zaken echter vonden ze heel belangrijk. Dagenlang, zelfs wekenlang konden ze debatteren over kwesties als: moet een monnikspij nu helder oranje zijn of somber roodbruin? En moet de pij nu beide schouders bedekken, of alleen de linkerschouder? Gestudeerd werd er wel, maar alleen op commentaren die eeuwen na Boeddha waren geschreven, nauwelijks op uitspraken van Boeddha zelf.

De meeste energie staken ze in het verwerven van verdiensten. Zij noemden dat karma. Veel goede verdiensten verzekeren je van een betere wedergeboorte. Die genereer je volgens hen vooral door religieuze activiteiten als rituelen, tempels bezoeken en geld geven aan tempels. Twintig baht (Thaise munteenheid) aan een tempel, geloofden zij, verbetert je karma meer dan tweehonderd baht aan een straatarme buurman. Mensen met veel aanzien, die rijk zijn, zeer gezond of hoog in status, danken hun fortuin aan het vele goede karma, verworven in vorige levens. Hun bevoorrechte plek in de samenleving is daarom hun geboorterecht. Omgekeerd moeten armen, behoeftigen en statuslozen hun plek kennen en daar blijven.

Karma

Thailand is weliswaar een boeddhistisch land, maar met hindoeïstische trekken. In het hindoeïsme bepaalt het verzamelde karma uit je vorige levens hoe je leven er nu uit zal zien. In welke kring je in een volgend leven wordt herboren, hangt af van de verdiensten die je in dit leven verwerft. Deze traditionele opvatting laat ruimte, er in dit leven iets van te maken. Maar door bepaalde toevoegingen wordt het een belemmerende gedachtegang en die zien we het Thailand van 1930. Deze toevoegingen zijn het die in deze landen de armoede in stand hielden.

Buddhadasa ging echter, net als Boeddha zelf, terug naar de oorspronkelijke, letterlijke betekenis van het woord karma, kam (กรรม), en dat is: daad of doelgerichte actie. Buddhadasa: “Karma speelde bij Boeddha geen rol in het beoordelen van mensen.” Voor hem was karma alleen wat nu resultaten afwerpt. De vruchten van je activiteiten oogst je door je eigen daden.

Nibbana

In Bangkok was praten over het nirwana, nibbana, taboe. Als het al ter sprake kwam, was het een haast onbereikbaar ideaal, alleen voor monniken en na duizenden hergeboorten tot in een hemel waaruit je nooit meer herboren wordt.

Buddhadasa: “Volgens de geschriften bereikte Boeddha al voor zijn dood nirwana. Nirwana betekent weliswaar uitdoving, als van gloeiende kolen. Maar het betekent evengoed getemd, zoals bij een tam dier, of in de betekenis van koel, zonder verontreinigingen.”Het ware nirwana bereik je volgens hem met het uitdoven van storende, verontreinigende gewaarwordingen als hebzucht, wellust, haat, wraakzucht, onwetendheid en egoï̈sme. En door te weigeren je ‘ik’ en je ‘mijn’(ตัวกูของกู of toea koe-khong koe) tot leidraad te maken. Nirwana is in dit leven bereikbaar, zelfs zonder kennis van geschriften, zonder tempels, monniken, rituelen en gebeden. Buddhadasa: “Doe het goede, vermijd het kwade, zuiver je geest”. Wie dat doet, kan uiteindelijk ‘echte reïncarnatie, echte wedergeboorte’ ervaren. Hij noemt dat Chit waang, een ‘lege geest’ die los is van storende, vervuilende invloeden. Chit waang is een geest in evenwicht en rust. Dat evenwicht ontstaat ook zonder stilzitten en mediteren. Buddhadasa stelt iets heel anders centraal, namelijk werk. Werk is noodzakelijk en is met de juiste instelling ook bevrijdend. Werk omvat in de opvatting van Buddhadasa alle dagelijkse activiteiten, zowel binnen gezinsverband als daarbuiten, in de gemeenschap. Werk en dhamma (leer) zijn bij hem onafscheidelijk.

“Werk in de rijstvelden heeft meer met dhamma te maken dan een religieuze ceremonie in een tempel. Mits met een juiste geestesgesteldheid gedaan, hebben alle soorten werk evenveel waarde.”

Zo ongeveer wat Robert Pirsig een halve eeuw later in zijn filosofische romen Zen en de Kunst van het Motoronderhoud (1973) definieerde als ‘arbeidsvreugde’.

Buddhadasa was een groot voorvechter van eenvoud. Volgens hem zijn de belangrijkste uitspraken in alle religies eenvoudig (phasaa khon), zodat iedereen ze kan begrijpen. Achter die uitspraken, mythen, legenden en wonderverhalen gaat een diepere laag, een religieuze betekenis schuil, (phasaa tham).

Tuin van Bevrijding

Maar al deze dingen wilden ze in Bangkok rond 193o natuurlijk niet horen. Ontgoocheld keerde Buddhadasa terug naar zijn geboortestreek en trok in 1932 in een verlaten tempelcomplex in het bos. Hij noemde die Wat Suan Mokkh, tuin van bevrijding. Hij stichtte er een klooster zonder hiërarchie en rituelen. Zijn ontwapenend eenvoudige leer vond al snel brede weerklank. Zijn faam bleef groeien, tot ver buiten Thailand. Zijn antiklerikale en antiautoritaire boodschap van bescheidenheid, sociale rechtvaardigheid en ‘mystiek van de kleine dingen’ vond ook onder aanhangers van andere religies weerklank.

Ten langen leste bereikte zijn benadering, via de gelovigen zelf, ook de Thaise tempels en kloosters. Tegenwoordig geldt Buddhadasa Bhikkhu in Thailand zelfs als een van de belangrijkste boeddhistische hervormers van de laatste honderd jaar. Bij leven inspireerde hij vele strijders voor sociale hervormingen, zoals Pridi Phanomyong, de leider van de revolutie in 1932. Phanomyong maakte met zijn coup in dat jaar een eind aan de absolute monarchie. Zo kon Thailand na de oorlog verder als parlementaire democratie.

Ook werk gaat volgens Buddhadasa niet in de eerste plaats om het behalen van resultaat of verdienste, maar om actief zijn en je vermogens gebruiken met de juiste mentale instelling. Wie dat begrijpt, begrijpt ook het oude Thaise spreekwoord:

Als men de verloren buffel niet terugvindt, is het ontdekken van zijn spoor al een troost.

Advertenties

Over Zilvervis

Zilvervis staat voor drs H.F. (Frank) Flippo (1962), journalist, historicus, (tekst) schrijver en schrijfcoach/docent. Auteur van onder andere 'Esoterie in begrijpelijke taal', (non-fictie verschenen maart 2013). Interesses: letterkunde, mythologie, filosofie, natuur.
Dit bericht werd geplaatst in esoterie, Filosofie, Spiritueel en getagged met , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s